De poppenspeler

Er was op de stoomboot een oud uitziende man die zo vergenoegd keek dat, als zijn gezicht niet loog, hij de gelukkigste mens op aarde moest zijn. Dat was hij ook, zei hij. Ik hoorde het uit zijn eigen mond. Het was een Deen, een landsman van mij, een reizend theaterdirecteur. Hij had zijn hele personeel bij zich, dat lag in een grote kist: het was een marionettentheater. Zijn aangeboren goede humeur, zei hij, was gelouterd door een ingenieur en bij dat experiment was hij volkomen gelukkig geworden. Ik begreep hem niet dadelijk, maar toen legde hij mij de hele geschiedenis heel helder uit. Hier is ze. Het was in Slagelse, zei hij. Ik gaf een voorstelling in de herberg van het postkantoor, een briljante gelegenheid en een briljant publiek, geen van allen aangenomen, op een paar oude juffrouwen na. Toen kwam er één personage, in het zwart gekleed, die eruit zag als een student. Hij ging zitten en lachte altijd op het juiste ogenblik, klapte op het juiste ogenblik: het was een ongewone toeschouwer. Ik moest weten wie hij was en ik hoorde dat het een ingenieur was van de Technische Hogeschool, uitgezonden om de mensen in de provincie wat te leren. Om acht uur was de voorstelling uit,
0/10 - 0 stemmen









Donations are welcomed & appreciated.


Thank you for your support.